vzw touché ontvangt Prijs voor Mensenrechten - het interview
De Liga voor Mensenrechten reikt jaarlijks de Prijs voor Mensenrechten uit aan een persoon of organisatie die zich verdienstelijk heeft gemaakt in de verdediging van de mensenrechten. Dit jaar gaat de prijs naar vzw touché voor haar bijdrage tot een meer zinvolle en meer humane strafuitvoering. Om de agressieproblematiek van (ex-)
gedetineerden te verminderen heeft zij een transmuraal begeleidingsaanbod uitgewerkt. Een gesprek.
TvMR: Dit jaar reikt de Liga voor Mensenrechten haar Prijs voor Mensenrechten uit aan vzw touché. Wat doen jullie precies?
Vzw touché werkt rond agressie met gedetineerden en ex-gedetineerden. Ons aanbod is gestructureerd rond drie verschillende pijlers: ‘creatief met agressie’, ‘verder met agressie’ en ‘buitengewoon met agressie’. Dit aanbod vindt niet enkel plaats binnen de muren van de gevangenis, er wordt ook toekomstgericht samengewerkt met ex-gedetineerden rond een leven buiten de gevangenis. We gaan hierbij uit van een constructieve visie. Agressie wordt gezien als een kracht die positief kan worden aangewend. Gedetineerden leren omgaan met de beperkingen van detentie en leren hoe ze crisismomenten best kunnen aanpakken. Voor ex-gedetineerden en hun familie hebben we een aanbod buiten de muren waarbij de persoonlijke problemen van de persoon het werkpunt vormen.
TvMR: Jullie werken rond vier pijlers. Waaruit bestaan die precies?
‘Creatief met agressie’ richt zich op gedetineerden in de gevangenis zelf. We geven groepsessies die plaatsvinden elke veertien dagen op donderdagnamiddag. Het gaat om reeksen van tien sessies. Na die tien sessies wordt bekeken of ze al dan niet opnieuw starten met een nieuwe reeks sessies of stoppen. De sessies zijn echter op vrijwillige basis. Niemand verplicht hen eraan deel te nemen. Een sessie duurt drie uur en bestaat uit verscheidene facetten: de bespreking van concrete conflictsituaties, het aanreiken van methodes tot ontspanning en het theoretische omkaderen van verschillende thema’s.
Elke sessie beginnen we met een vragenronde over welke problemen zich gesteld hebben de voorbije twee weken en welke frustraties ze hebben gevoeld. Elk van de gedetineerden kan zijn persoonlijke pijnpunten uiteenzetten. Die verhalen vormen dan het werkmateriaal voor de sessie. We gaan dieper in op wat er precies is gebeurd. Hoe heb je gereageerd op de situatie? Met welke handelingen ben je niet tevreden? Meestal is er frustratie over het eigen handelen. Het eerste wat wij dan gaan doen is kijken wat ze wél goed hebben gedaan. Verder bespreken we wat de alternatieve gedragingen hadden kunnen zijn. De bijdrage van de anderen in de groep zijn waardevol omdat zij zich goed kunnen inleven en daarom kunnen bekrachtigen wat goed was.
Naast de concrete bespreking van de persoonlijke frustraties van de gedetineerden, reiken we ook een aantal werkbare ontspanningsoefeningen aan. Het is wetenschappelijk bewezen dat mensen die in staat zijn zich te ontspannen gemakkelijker aan agressiebeheersing doen. De ontspanningstechnieken worden geoefend in groep. Over de sessies heen reiken wij verschillende technieken aan. De kans dat iemand de juiste oefening voor zichzelf vindt wordt hierdoor verhoogd.
Naast de bespreking van de conflictsituaties van de voorbije twee weken en de ontspanningsoefeningen werken we ook met psycho-educatie. Verschillende thema’s komen hierbij aan bod: stress, communicatie, de opbouw van spanning,… Door theoretisch te omkaderen wat stress precies is, leren we gedetineerden hoe ze dit bij zichzelf kunnen herkennen. Een stukje theoretische uitleg gekoppeld dus aan hun eigen persoon. Door eigen gewaarwordingen tijdig te herkennen leren ze pro-actief in te grijpen op een crisis-moment.
TvMR: En het aanbod buiten de gevangenis?
De andere pijlers richten zich tot ex-gedetineerden bij een invrijheidstelling of in het kader van elektronisch toezicht. De sessies zijn individueel, ambulant en vinden plaats buiten de muren van de gevangenissen. Ex-gedetineerden komen bij ons in het kader van hun reclassering. De begeleiding richt zich dan ook meer op hun persoonlijk verhaal. Onze begeleiding is erop gericht hen andere keuzemogelijkheden aan te leren in moeilijke situaties. Cliënten die komen in het kader van hun reclassering leven vaak in een moeilijke context. Het leven na detentie is vaak niet eenvoudig.
Het is ook belangrijk te benadrukken dat wij in ons begeleidingsaanbod continuïteit hoog in het vaandel dragen. Een heropsluiting komt vaak voor omdat gedetineerden de overgang na de opsluiting niet altijd even vlot doorlopen. Het is voor ons heel belangrijk om die mensen dan nog te blijven volgen. Of de begeleiding nu gestart is binnen of buiten de gevangenis en dan verder wordt gezet in de gevangenis, dat maakt voor ons niet uit. Ons programma is flexibel en we passen de begeleiding aan. Cruciaal is dat die cliënten – op het moment dat het fout loopt – verder begeleid worden en niet alleen komen te staan.
Naast het werk met de ex-gedetineerden bieden we ook een programma aan waarbij de sociale context van de cliënt wordt betrokken. Bijvoorbeeld een jongere die op 16-jarige leeftijd in een instelling belandt en op zijn 23ste weer vrijkomt en bij zijn moeder gaat wonen. Dat zijn geen evidente situaties. We begeleiden ook de moeder. Dit is echter nog maar een vrij beperkt deel van ons werk dat we in de toekomst graag uitgebreid willen zien.
TvMR: Jullie zien agressie als constructieve kracht. Kan u wat meer vertellen over deze achterliggende filosofie?
Wanneer mensen agressief gedrag vertonen is er altijd een achterliggende reden. Frustratie en kwaadheid worden in de hand gewerkt doordat pogingen om een behoefte te vervullen of een doel te bereiken niet lukken. Kwaad zijn of gefrustreerd zijn is echter niet erg. Het gaat er om wat je doet met die kwaadheid.
Eerst en vooral is het belangrijk te benadrukken dat in de gevangenis een klimaat heerst waar macht, onmacht, onzekerheid en frustratie hand in hand gaan. Het is net in die context dat verwacht wordt van de gedetineerde dat hij zich constructief opstelt, verantwoordelijkheid opneemt en een beter mens wordt. Een zeer moeilijke oefening.
Wij bieden een begeleiding aan waarbij een constructieve visie op de mens centraal staat. We stellen ons de vraag wat de mensen willen en nodig hebben om goed te functioneren en zich goed te voelen. We zoeken steeds naar een gepaste methodiek om de mens te helpen en een begeleiding te voorzien die op dát moment nuttig is. Deze visie wordt doorgetrokken naar het thema agressie. Agressie wordt aangewend als een kracht en wordt niet gezien als een probleem. Er wordt gezocht naar de meest constructieve uitingsvormen en mogelijkheden.
TvMR: Hoe is het idee ontstaan?
Vzw touché ontstond twee jaar geleden op initiatief van een aantal hulpverleners uit het forensisch welzijnswerk. Het was voor ons duidelijk dat er een gebrek was aan agressiebegeleiding en dat daar eigenlijk wel grote vraag naar was, dit zowel van de gedetineerden als van mensen van justitie zelf. Mensen met nood aan agressiebegeleiding konden nergens naartoe en het zijn vaak ook die gedetineerden die het langst in de gevangenis blijven zitten. Er was dus een groot hiaat in het begeleidingsaanbod. Uiteindelijk kunnen we stellen dat de vzw touché gegroeid is uit een frustratie die we constructief hebben aangewend. We zijn beginnen reflecteren en schoorvoetend zijn we gestart met ons pilootproject in Oudenaarde. Wij zijn organisch gegroeid en we hebben eigenlijk veel te danken aan de directie van de gevangenis van Oudenaarde, het personeel en de gedetineerden zelf. Door de twee jaar heen zijn we erin geslaagd behoeftes te zien bij de gedetineerden en hebben we gezocht naar het beste aanbod om die vragen te beantwoorden. Ook met het personeel hebben wij in die twee jaar een vertrouwensband opgebouwd. Door die vertrouwensrelatie hebben we de kans gekregen een paar methodieken uit te proberen en sinds september 2008 hebben we een uitgewerkt programma in ons aanbod dat nog iedere dag groeit.
TvMR: Het slagen van de begeleidingprogramma’s veronderstelt de medewerking van de gedetineerden zelf. Werken zij mee uit vrije wil?
Aan het programma ‘creatief met agressie’ wordt inderdaad vrijwillig deelgenomen. Niemand verplicht hen daartoe. Het is niet de bedoeling dat gedetineerden meewerken aan het programma om een ‘beter’ rapport te behalen of eventueel een vervroegde vrijlating op het oog hebben. Dat het nooit meespeelt dat kunnen we niet zeggen. Voor bepaalde gedetineerden zal het belangrijk zijn een bewijs van deelname te hebben voor hun dossier. Maar je moet toch niet onderschatten dat we ook veel vragen van de gedetineerden. Er zijn 10 sessies van 3 uur en ze mogen maar 2 maal afwezig zijn. Als ze langer afwezig zijn dan moeten ze de sessies weer volledig opnieuw beginnen. De dag van de sessie is er geen bezoek en hebben ze geen wandeling. Het is een investering, een inspanning. We horen soms dat gedetineerden eerst twijfelachtig staan tegenover het programma, maar dan uiteindelijk gebaat blijken door het ervan. De externe motivatie van in het begin verandert door de sessies heen en ze beginnen het nut ervan in te zien.
Aan een deelname gaat steeds een intakegesprek vooraf. Het is belangrijk dat vraag en aanbod aansluiting vinden. Wanneer iemand een agressieprobleem erkent, er wil aan werken en ook in staat is om in een groep te functioneren, is een deelname mogelijk.
In tegenstelling tot de begeleiding in de gevangenis verloopt het programma buiten de gevangenis niet op vrijwillige basis. De PSD bereidt de reclasseringsdossiers voor en in een aantal gevallen schrijven zij een agressiebehandeling voor. Dan doen wij een intake. Er zijn een aantal voorwaarden: enerzijds moet de cliënt de agressieproblematiek erkennen en anderzijds moet het ook praktisch haalbaar zijn. Iemand uit Hasselt zal niet snel naar Gent komen voor een sessie van een uur. Het programma buiten de gevangenis wordt dus als voorwaarde gesteld door de strafuitvoeringsrechtbank.
TvMR: Wat met de opvolging? Is er bewijs van resultaten?
We zijn nog niet lang genoeg bezig om een follow-up te doen. Wij hebben ook geen middelen om wetenschappelijk onderzoek te doen. Onze feedback komt dus van de deelnemers zelf. Als zij kunnen zeggen dat de begeleiding hulpvol was, dan is onze missie geslaagd. Agressiebegeleiding is ook moeilijk meetbaar.
Het is voor ons wel belangrijk ook momenten dat er iets fout loopt te evalueren. Waar is het fout gelopen? Wat kan anders? Crisismomenten zijn leermomenten. Het zijn die cruciale momenten waarop de vertrouwensband wordt aangescherpt wat verdere resultaten ook mogelijk maakt.
TvMR: Het is een ambitieus project: veel werk, weinig middelen. Hoe zien jullie de toekomst?
We zijn hoopvol. Wat we doen helpt. De Prijs voor Mensenrechten is alvast een hart onder de riem. We zijn al twee jaar bezig. We hebben een hiaat gezien en zijn in actie geschoten met beperkte middelen en mankracht. Er zijn in die voorbije twee jaren momenten van voldoening geweest waarbij we de positieve feedback als drijfveer gebruiken om het werk verder te zetten. Er zijn echter ook momenten geweest waarop het zo onoverkomelijk lijkt. Momenten waarop we denken dat het zo niet verder kan.
Twee jaar geleden zijn we kunnen opstarten met subsidies van de provincie Oost-Vlaanderen en het Instituut voor de Gelijkheid van Mannen en Vrouwen. Zij hebben ons twee jaar ondersteund. Stad Gent heeft dit jaar een kleine bijdrage verleend. Maar daar stopt het ook. We werken vooral met giften. Er moet ook tijd vrijgemaakt worden voor het zoeken naar middelen. De bronnen raken uitgeput.
De werkdruk stijgt ook. Justitie doet vaker beroep op ons via de strafuitvoeringsrechtbank, via justitiehuizen en de PSD’s. Het aantal dossiers van begeleiding buiten gevangenis is al gestegen tot 124. Daarvan hebben wij 60 intake-gesprekken afgerond. 47 cliënten zijn daarvan in begeleiding of hebben het programma afgerond. Dit werk vangen we op met 2 freelancers en 2 halftijdse werkkrachten.
Ons werk is maatschappelijk relevant. Wij proberen te voorkomen dat mensen hervallen. Het effect van zelfinzicht in de gevangenis is heel beperkt. Gedetineerden zijn niet altijd in staat om aan zichzelf te werken zonder begeleiding. Het is nochtans cruciaal om een goede begeleiding binnen en buiten de gevangenis te voorzien om recidive te voorkomen. Het is de verantwoordelijkheid van de maatschappij om in deze begeleiding te voorzien.
Meer info op www.vzwtouche.be.
